Bestuurlijke aandacht

In PM, periodiek voor beslissers bij de overheid, een interessant interview met Arno Korsten. Hij heeft samen met twee collega’s onderzoek gedaan naar het uitvoeren van enkele interdepartementale programma’s. De onderzoekers concluderen dat beleidsprogramma’s sneller uitgevoerd worden dan interne veranderingsprogramma’s. Dat doet mij denken aan een bijeenkomst waarop een programma van een gemeente werd gepresenteerd. De betreffende programmamanager zei: “Wij moeten efficiënter gaan werken, en wij willen effectiever worden.” Ofwel efficiënt doen we omdat het van iemand anders moet, effectiever willen we echt vanuit onszelf.

Druk op de ketel

Blijkens het gesprek met Arno Korsten geldt voor programma’s bij de Rijksoverheid net iets anders, nl. de bestuurlijke aandacht: “Het maakt voor de voortgang uit of het om extern gerichte programma’s gaat of werkelijk meer interne rijksbrede bedrijfsvoeringprogramma’s. Extern gerichte programma’s hebben bestuurlijke prioriteit en aandacht en behouden die gedurende het traject. De bestuurders zitten er bovenop (‘er staat druk op de ketel’).

“De kans daarentegen dat rijksbrede bedrijfsvoeringprogramma’s (intern gericht) haperen in de voortgang is veel groter dan bij andere, extern gerichte, programma’s. Qua voortgang haperende programma’s zijn kabinetsprogramma’s waarbij het na verloop van tijd (nagenoeg) aan bestuurlijke prioriteit, bestuurlijke sturing en bestuurlijke attentie ontbreekt. Ergo, de verantwoordelijke minister is onzichtbaar (geworden); de programmarealisatie wordt aan ambtenaren overgelaten; de aandacht van de Tweede Kamer is hiervoor zeer gering. Wanneer dan ook de sturing vanuit de ambtelijke top achterwege blijft, komt het programma niet goed van de grond. Voorbeelden zijn: Overheidscommunicatie Nieuwe Stijl; programma Rijkswerkplek. Het programma 1 Logo kon door krachtige topambtelijke sturing juist wel succesvol zijn.”

Verwaterende programma’s

Kortom, een betrokken opdrachtgever is essentieel voor de voortgang van een programma. Deze les moeten de vele onderhandelaars op gemeentelijk niveau die nu druk in de weer zijn met nieuwe colleges, weer eens in hun oren knopen. Deze factor speelt namelijk niet alleen op rijksniveau, maar overal. De neiging zal bestaan alles tot prioriteit en daarmee tot programma te bombarderen. De bestuurlijke aandacht die dat vergt, is nauwelijks op te brengen. Daarmee verwateren veel programma’s en de motivatie van betrokkenen loopt weg.

Een extra waarschuwing is op zijn plaats voor bezuinigingsprogramma’s. Die zijn hard nodig, maar blijkens het voorbeeld in het begin genoemd, niet echt gewild. Dus tegen heug en meug gaan organisaties ermee aan de slag. Hier zal bestuurlijke aandacht nodig zijn om de programmamanager te laten zeggen dat de gemeente efficiency ook echt wil.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.