Programmamanager bindt stakeholders

In mijn vorige blog heb ik geschreven dat van de programmamanager heel nadrukkelijk wordt gevraagd mensen en partijen aan zijn programma te binden: relatiemanagement, zoeken van draagvlak, zijn de begrippen daarbij worden gebruikt. Het is dan ook geen toeval dat afgelopen woensdag een Twynstra Gudde-symposium over Strategisch Omgevingsmanagement is gehouden. De belangstelling daarvoor was aanzienlijk: ruim honderd bezoekers die zichzelf beschouwen als omgevingsmanager.

Onder hen niet alleen betrokkenen bij programma’s, maar zeker ook bij projecten en vanuit de functie strategisch omgevingsmanagement in de organisatie. Ik ben ervan overtuigd dat we hier een trend te pakken hebben: op de PMI-summit zal ik samen met Hans Licht betogen dat strategisch omgevingsmanagement één van de ontwikkelrichtingen is voor de professionele programmamanager.

Vrije rol omgevingsmanager

Tijdens het Som Symposium viel mij een stelling van Mark Wesselink op: de omgevingsmanager moet niet te dicht op de (project)manager zitten. Hij heeft een vrije rol en moet professioneel eigenwijs kunnen zijn. Het type werk van een omgevingsmanager is ook niet zo strak planbaar en voorspelbaar als dat van de projectmanager. Dat zal in projecten stevige clashes met zich meebrengen. Wat dat betreft zal die spanning al minder zijn in een programma. Daar gaat het minder om een concreet afgebakend resultaat en meer om het bereiken van doelen: die zijn bijna automatisch gekoppeld aan belangen. De oproep van Mark Wesselink om als omgevingsmanager het lef te hebben zaken complexer te maken is aan een programmamanager welbesteed. In een programma is de koek groter waardoor er meer kans is op win-win situaties.

Signaturen

Martine de Jong en Marjoke Hoeve hebben een onderzoek gedaan onder zo’n 70 omgevingsmanagers om datgene wat zij doen in bepaalde situaties te typeren. Zij komen uit op vijf “signaturen”, onderscheiden handelingsrepertoires om in specifieke situaties in te zetten. Dat levert interessante typeringen op die de deelnemers in de workshop zeker herkenden. De volgende stap zou kunnen zijn een typering van de situatie te maken waarin bepaalde signaturen effectief dan wel minder effectief zijn. In ieder geval is de omgevingsmanager door de inleiders gewaarschuwd een breed repertoire in de lucht te krijgen om voldoende flexibel te reageren op wijzigende situaties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.